Interview telefoonwacht Stef

INTERVIEW MET MVT-TELEFOONVRIJWILLIGER STEF d.d. 15-06-2018

door Dorothée Melse-van Dooren

Stef, allereerst: hoe lang ben je al vrijwilliger aan de telefooncentrale bij Mantelzorg & Vrijwillige Thuishulp (MVT)?

Dat gaat zo tegen de tien jaar lopen. Toen ik op mijn 55e met FLO (Functioneel Leeftijds Ontslag) ging bij Defensie, voelde ik mij nog steeds ‘jong en vitaal’. Dus ik dacht: laat maar komen – dat vrijwilligerswerk. Om het ultieme Zwitserleven-gevoel te bereiken, moet je mijns inziens niet alleen voor jezelf leven, maar ook iets voor de hulpbehoevende medemens doen. Door een advertentie in de krant werd ik destijds op het spoor van MVT gezet.

Daarbij en daarna heb ik ook andere, uiteenlopende (vrijwilligers)werkzaamheden gedaan: filmer bij een ziekenomroep in Zevenaar; taxichauffeur voor jonge mensen en kinderen met een beperking. Daar heb mij kunnen oefenen in een verwelkomende houding. Prachtig om wat stugge en verlegen mensen uit hun schulp te laten kruipen door aanhoudende aandacht voor hen. Maar ook zette ik wat schreden op het commerciële pad, bijv. startup bij BesteProduct.nl, en beveiligingsadviseur bij SelectDNA. Ik kwam echter al snel tot de conclusie dat het telefoonwacht zijn mij het meest op het lijf is geschreven!

Met wat voor motivatie en verwachting ben je destijds in dit werk gestapt?

Ik doe dit omdat ik zo in elkaar steek dat ik graag mijn medemens vooruit help. Het zit in mij om te helpen waar ik kan. Natuurlijk is het ook belangrijk om na je werkzame leven niet in een gat te vallen: structuur en inhoud zijn belangrijk, net als ‘ergens bij horen’. Wat dat betreft kan ik hier al heel wat jaren mijn ei kwijt!

Door aan de MVT-telefoon hulpvragers te woord te staan, besef je hoe goed wij het hier hebben. In mijn Defensietijd heb ik in 1974 in Sudan gediend. Mensen stonden daar in de overlevingsstand en waren blij met een handvol rijst. Velen zitten verstrikt in een kastensysteem dat hen de rest van hun leven gevangen houdt. Dan ben je blij met de vrijheid en voorrechten hier. Telefoonwacht zijn is dankbaar werk!

Kun je een telefoonshift beschrijven: een ochtend dienst van 9.00 tot 12.00 uur?

Het aantal telefoontjes wisselt natuurlijk, maar hangt vaak zo tussen de vijf en tien op een vrijdagochtend. Waarover om hulp of raad gevraagd wordt – dat loopt sterk uiteen: lampje indraaien, een tuinvraag, zoektocht naar taalmaatje, een buitendeur schilderen, vervoersvragen bijv. naar het ziekenhuis – en soms ook verzoeken aan MVT om ernaast te zitten bij het gesprek met de specialist! In die zin blijft het schrijnend dat sommige burgers in Arnhem helemaal geen netwerk hebben. Ook de maatschappelijke trend, gestimuleerd door de overheid, om als oudere langer thuis te blijven wonen, veroorzaakt een toename in het aantal en type hulpvragen.

Kun je je nog een opvallend telefoongesprek herinneren, iets dat je bijgebleven is?

Ik herinner mij een meneer van Chinese afkomst in een zorginstelling. Hij sprak alleen Chinees, en kon daar met niemand communiceren. Na creatief nadenken kwam ik op het idee aan te kloppen bij een Chinese kerk in Amsterdam. Langs die route heb ik een volksgenoot gevonden die wel als maatje wilde fungeren.

Zijn er ook dingen die tegenvallen bij deze vorm van vrijwilligerswerk?

Waar je soms tegenaan loopt, zijn partijen van wie je afhankelijk bent bij het realiseren van een hulpvraag, maar die niet bepaald servicegerecht lijken. Een stroperige werkwijze, lange wachttijden, terugbeltoezeggingen die niet worden waargemaakt … Het kan frustrerend werken als je zelf dóór wilt.

Verder iets heel anders: de eenzaamheid van bellers waar je soms tegenaan loopt, en die je dan maar beperkt kunt oplossen. En dat terwijl je weet dat er in Arnhem nog veel meer eenzame mensen zijn … Dat went niet.

Hoe is de samenwerking met MVT en de rol die MVT speelt bij je verbintenis als vrijwilliger?

Natuurlijk is er het bestuur, maar met hen heb je in de praktijk eigenlijk niet zoveel te maken. Fijn is dat er altijd een beroepskracht op de werkvloer is, op wie je bij vragen of twijfels een beroep kunt doen. In het begin heb ik een telefooncursus gevolgd. Je kunt altijd aanvragen om een (bij)scholingsactiviteit te volgen. Bijv. mijn wens voor een reanimatiecursus is door MVT gehonoreerd.

De contacten met andere (telefoon)vrijwilligers zijn prima – een mooie club mensen. En de sfeer? Ik kom hier niet voor niks al tien jaar over de vloer!

Zijn er dingen waar je als potentiële vrijwilliger rekening mee moet houden?

(Tja, eigenlijk ben ik inmiddels te veel vergroeid met het werk om te kunnen beoordelen wat lastig kan zijn. Toch een poging.) Je moet tegen onverwachte situaties kunnen, geduld hebben en – zoals gezegd – goed kunnen luisteren. Je levenservaring kun je goed inzetten – wat overigens niet zegt dat jongere mensen niet welkom zijn in ons team, graag zelfs!

In het bijzonder zitten we tegenwoordig slecht in de mannelijke vrijwilligers, dus: mannen, kom erbij! Last but not least is belangrijk om er rekening mee te houden dat vrijwilligerswerk nooit vrijblijvend is.

Er is een groot tekort aan telefoonvrijwilligers bij MVT. Wat zou jij zeggen tegen aarzelende mensen die je over de streep wilt trekken om je collega-telefoonvrijwilliger te worden?

We leven in een maatschappij waarin je bij een officiële instantie steeds vaker een bandje met keuzemenu aan de lijn krijgt, in plaats van een levend mens. Wat je vaak ziet, is dat oudere bellers dan afhaken. Het is zo heerlijk om iemand te kunnen geruststellen, een beetje humor in te zetten. De kunst van het luisteren is schaars, dus kostbaar, geworden in de samenleving.

Kunnen mensen contact opnemen met jou, als zij verdere vragen willen stellen aan zo’n bevlogen vrijwilliger als jij bent?

Geen probleem. Telefoonnummer MVT Arnhem: 026-3703540, op vrijdagochtend.

Verdere informatie is te vinden op www.mvtarnhem.nl.